Voettocht langs een strand op de evenaar

In de 16e eeuw besloeg het koninkrijk Loango een groot deel van wat nu zuidwestelijk Gabon is en reikte tot de monding van de Kongo. Maar dat is niet wat onze gids Armell bedoelt als hij uitroept "C'est le royaume ici" ("Het is hier een koninkrijk"). We staan te kijken naar een oranje zon, die in zee zakt. Armell doet zijn uitspraak, liggende tegen een boom, vergezeld van een weids armgebaar, terwijl links van ons op de savanne een olifantengezin graast en rechts in de verte buffels te zien zijn.

De dag is om 6 uur begonnen met de pffffff van Fons' slaapmatje dat opgerold wordt. Op dat sein moet ik ook wat gaan doen. Op een ambitieuze dag stellen we het ontbijt even uit. We gaan dan ruim voor zevenen op pad, vanaf acht uur begint de zon namelijk al voelbaar te worden, om rond tienen naar een nieuwe kampplek uit te zien. Op die manier doen we, met de nodige pauzes, zo'n 6 a 7 km. Vandaag hebben we meer gedaan, want er kwam niet op tijd water en schaduw in zicht. Daarna waren houtvuur, kampement en koffie er ook weer snel. Bleef over het luidruchtig ruisen van de zee. De branding is hier heftig.

Laat in de middag werd onze rust "verstoord" door gerommel in het struikgewas naast onze tenten. Een mannetjesolifant waagde zich voorzichtig op de savanne. Fons erop af, Armell en Zico in zijn kielzog (ze nemen hun taak heel serieus, er mag een toerist niets overkomen). Dat zag er uit als hier linksonder. Even later kwamen van rechts moeder en kind aan, koersend naar dezelfde palm. Het leek even op een penibele situatie, maar olifanten zijn kippig en kunnen bovendien niet recht voor zich zien. Uiteindelijk zette iedereen het maar op een lopen, de olifanten hun bos in, de tweevoeters richting kamp.

Fons, Zico en Armell besluipen het mannetje
een resulterende foto

Een week geleden zijn Fons en ik per boot uit Gamba vertrokken met twee WWF eco-gidsen, met als doel bij Sette Cama te beginnen met lopen en twee weken de tijd te nemen om Iguela te bereiken. Zo geven we onszelf alle kans en tijd om van de volkomen lege stranden te genieten en eventueel wild tegen te komen of op te sporen.

Om licht bepakt te kunnen lopen, hebben we het meeste voedsel in droogvorm uit Nederland meegenomen. Daarmee maken we twee maal per dag eten (vuur blijft 's nachts laag aan). Het heeft enige moeite gekost om de jongens duidelijk te maken, dat dat echt eetbare, volwaardige maaltijden opleverde. Met het op macaroni of rijst gebaseerde voedsel voor 's avonds is dat gelukt. De muesli-achtige ontbijten hebben we nog als 'quakers' havermout aan ze proberen te slijten, maar het mocht niet baten. Ze vullen het gemis aan met zelf gevangen krabben, die gekookt en geheel leeggezogen worden. En vissen doen we natuurlijk ook.

In Tassi zullen we onverwacht tegen een in aanbouw zijnde "lodge" aan lopen. Waarmee we meteen kennis maken met de andere manier om Nationaal park Loango te beleven: via Operation Loango. Voor wie geen tijd, maar wel geld heeft, is dit een comfortabele vorm van safari in Loango. Ons traject had uiteindelijk heel goed in een dag of 10 gelopen kunnen worden, zonder uitzonderlijke conditionele eisen te stellen.

red river hog's

Armell en Mathon met 'achterblijvertje', i.e. leatherback-schildpadje dat de weg naar zee niet heeft kunnen vinden zoals alle anderen de nacht ervoor